FRNL | | NewsBibliotheekAgendaNewsletterJobsAdvertisingContact |
  

Laadinfrastructuur en parkingorganisatie



De omschakeling van wagenparken naar elektrische aandrijving komt in een stroomversnelling terecht nadat de regering in de nacht van 17 op 18 mei besliste dat vanaf 2026 enkel elektrische bedrijfswagens nog fiscaal aftrekbaar zullen zijn. Voor de Facility Manager heeft dat niet weinig gevolgen, want hij/zij krijgen de uitdaging op hun bord het laden van die elektrische bedrijfsauto’s te faciliteren. Dat heeft heel wat gevolgen voor de bedrijfsparking/parkeergarage. Tijdens een door architectenvereniging NAV georganiseerd Webinar, gaf William Stinissen, technisch adviseur bij ‘Volta’, aandachtspunten mee voor het installeren van laadpunten in parkeerfaciliteiten. 

Het huidige Algemeen Reglement op de elektrische installaties (AREI) verplicht tot het individueel beveiligen van elk laadpunt tegen overstroom met een automatische zekering en bescherming tegen onrechtstreekse aanraking met een differentieelschakelaar (30 mA type A + 6 mA DC / 30 mA type B). ‘Elk laadpunt’ wil dan ook zeggen dat bij dubbele laadpunten zoals die vaak worden voorgesteld voor bedrijfsparkings, elk laadpunt afzonderlijk moet beveiligd zijn. De beveiliging mag in het laadpunt zitten of extern geplaatst in een elektrische zekeringkast (verdeelbord). Elke installatie van laadpunten gaat gepaard met een verplichte keuring.
Op korte termijn zal aanvullende regelgeving van kracht worden om de veiligheid verder te verhogen. Zo zullen de laadpunten op een betonnen sokkel moeten staan en omringd door een stalen kooi om beschadiging bij aanrijding te voorkomen. Verder wordt een verplichte noodonderbreking voor het laden aangekondigd, die aan elke ingang van een parking moet voorzien worden.
Gewone stopcontacten die in parkeergarages kunnen aanwezig zijn voor het uitvoeren van bepaalde onderhoudswerken, mogen niet bereikbaar zijn voor het laden van elektrische voertuigen (Mode 2 = laadkabel voor standaard stopcontact 16A).
Wat de te voorziene energietoevoer betreft, wordt het volgende geadviseerd voor ‘kort verblijf’ (< 5 uur) van de auto’s op het parkeerterrein:
  • aantal laadpunten x capaciteit laadpunten x factor 0,5 (vb. 2 laadpalen à 11kW > 11kW aanvoer)

Er volgt nog meer…
Hoewel nog in voorbereiding, worden een aantal regels van goed vakmanschap vooruitgeschoven. Zo is het aanbevolen om aanvullende brandbeveiliging te voorzien onder de vorm van een lineaire thermische detectie. Indien laadpalen met een capaciteit > 50kW zouden voorzien worden, is automatische branddetectie aanbevolen.
Laadpunten wordt bij voorkeur nabij de inritten van de parkeerfaciliteiten geplaatst. Aandachtspunten zijn verder de uitwendige invloeden (bv. corrosieve en vervuilende stoffen, schokbestendigheid, aanwezigheid van water/vocht).
Regelmatig onderhoud van de laadinfrastructuur door gespecialiseerde technici is zeker ook aan te raden.

Distributienetwerkbeheerder Fluvius stelt een meldingsplicht voorop voor (semi-)publieke laadpalen en werkt momenteel aan een reglement voor het aansluiten van laadpunten met een capaciteit vanaf 5 kW. Verwacht worden een meldingsplicht en 3-fasig aansluiten. Vanaf 3 laadpunten zal allicht ‘load balancing’ worden opgelegd, het automatisch gelijkmatig verdelen van de aangevoerde energie over de laadpunten, om pieken op het net te vermijden.
Eduard Codde
10-06-2021